Opgaves
Wat je geleerd hebt
In dit hoofdstuk is het volgende besproken:
- Het gebruik van de print() functie om zaken op het scherm te tonen
- Data types string, integer, en float
- Berekeningen
- Basale string expressies
- Type casting tussen strings, integers, en floats, middels
str(),int(), enfloat()
Opgave 3.1
Een boek kost in de winkel €24,95, maar boekwinkels krijgen 40 procent korting bij inkoop. Het versturen van boeken kost €3 voor het eerste boek, en 75 cent voor ieder volgende boek. Bereken hoeveel de winkel betaalt voor 60 boeken.
Opgave 3.2
print("Een boodschap").
print("Een boodschap')
print('Een boodschapf"')
Opgave 3.3
Als er iets fout zit in code, geeft Python meestal een foutmelding. Dit zijn vaak “syntax fouten,” die aangeven dat er iets fout zit in de vorm van je code (bijvoorbeeld, voor de code hierboven werden SyntaxErrors gerapporteerd). Er zijn ook “runtime errors,” die aangeven dat je code op zich syntactisch correct lijkt, maar dat er iets fout is gegaan bij de uitvoering ervan. Een goed voorbeeld is de ZeroDivisionError, die aangeeft dat je probeerde te delen door nul (wat niet mag, zoals je weet). Schrijf een kort programma dat zo’n fout genereert als je het uitvoert.
Opgave 3.4
print( ((2*3) /4 + (5 -6/7) *8 )
print( ((12*13) /14 + (15 -16) /17) *18 )
Opgave 3.5
Je kijkt op de klok en je ziet dat het 14.00u is. Je zet een alarm dat 535 uur later af moet gaan. Hoe laat is het als het alarm afgaat? Schrijf een programma dat het antwoord afdrukt. Hint: Gebruik de modulo operator.